Ganzentocht naar het Meetjesland en de
Oostkustpolders

18/12/2016

Aantal
deelnemers: 18
Gids: Rudy
Van Cleuvenbergen
Leiding: Wim Roelant
Verslag:
Hilde Vangrunderbeek

velduilen in Uitkerkse polder – foto Rudy Vansevenant

Ondanks de
aangekondigde nevel en mist verzamelden toch 18 doorwinterde natuurpunters om
8u aan ‘t Spant te Wilrijk om samen op
zoek te gaan naar ganzen en vooral naar de Kleine rietgans een soort die in België
alleen maar in de Oostkustpolders overwintert.
We verlieten
de Expresweg naar de kust ter hoogte
van afrit Assenede en reden langs een aaneenschakeling van
polders met namen als Albertpolder, Rode polder, polder Artois, St.
Janspolder enz. , allemaal polders die ingedijkt werden in de 16de
eeuw . Deze polders met zijn geulen, plassen, grachten, … zijn restanten, littekens van vroegere
dijkdoorbraken.
Dit krekengebied , gelegen in het regionaal
landschap “het Meetjesland” is zeer waardevol
en herbergt ’s winters heel wat ganzen, vooral dan Grauwe -, Kol- en Rietganzen maar
ook Smienten en heel wat andere eendensoorten .
In dit weliswaar idyllisch landschap konden we
, hoe hard we ook ons best deden, maar bitter weinig ontdekken, slechts een enkele
Buizerd, Meerkoeten en een groep overvliegende Kolganzen kregen we te zien. Stilaan werd de mist wat
minder hardnekkig en ontdekten we
een 20-tal Kleine zwanen in de vlucht.
In Lapscheure verlieten we de expresweg en
kwamen stilaan in bekend ganzengebied. Op de vroegere, gekende pleisterplaatsen in Damme was er evenals de vorige winters weinig beweging , een Slechtvalk vloog er over een kleine groepje
Kolganzen en Smienten.
Een eindje buiten
Damme zat een grote groep Kolganzen en één enkele Kleine rietgans . Een Grote zilverreiger liet zich van zeer
dichtbij bewonderen.
Om precies
12u kwamen we aan in het bezoekers centrum van de Uitkerkse Polder, tijd voor een
middagstop; bij een drankje konden we onze boterhammen opeten.

Na de lunch
lieten we de auto’s staan en vanaf het
centrum maakten we een wandeling naar
één van de 2 kijkhutten. Onderweg boven het riet vloog een vrouwtje
Blauwe Kiekendief. Op het water voor de hut waren 2 Slobeenden aan het
grondelen.
Onze tocht
ging terug verder met de wagens. Dicht
bij de weg zaten heel wat groepen van zowel Kolgans als Kleine Rietgans .
Hiervoor waren we gekomen! W e kregen de kans om van dichtbij goed de kenmerken, die
volwassen en jonge vogels van mekaar onderscheiden, waar te nemen. In meerdere groepen Kleine rietganzen
ontdekten we ganzen met halsringen die prompt afgelezen werden. Aan de hand van
enkele schema’s gaf Rudy ons uitleg over
het belang van het ringwerk om de trekroutes van deze ganzensoort in kaart te
brengen.
Deze mooie
waarnemingen deden ons het povere succes
van de voormiddag snel vergeten. Buiten de grote ganzengroepen zagen we verder
nog mannetje en vrouwtje Bruine kiekendief
en vele Torenvalken. Rond 15u30 reden we terug richting Uitkerkse Polder
met de bedoeling op zoek te gaan naar de daar gemelde velduilen. En jawel, prompt stootte Rudy met de auto een Velduil op
die blijkbaar vlak langs de weg zat. De wagens werden geparkeerd en geloof het of niet, gedurende meer dan een
half uur konden we 5 (!) Velduilen zien rondvliegen,
zich met tweeën wentelen in de lucht (zie foto), wat rusten in het gras of op
een paaltje, … een waarneming om nooit meer te vergeten!
Ondertussen
begon het te schemeren , tijd om afscheid te nemen van mekaar , tijd om
onze gids en leiding te bedanken voor deze mooie excursie en tijd om de lange rit huiswaarts aan te vatten.

De
deelnemers in de wagen van Walter werden na het afscheid even verder nog
getrakteerd op een bijzonder extraatje, een Hermelijntje in wintervacht, wat
zeg je daarvan …!
De afwezigen hebben weer iets moois geMIST!

Hilde